een gedicht door Patrick Avalokiteshvara van der Hofstad

Laten we zorgen
voor de nog ongeborenen
voor hen wier trekken
al zichtbaar worden
in de kinderen en de kleinkinderen.
–
Zij zullen bestaan
uit dezelfde elementen als wij,
het water, de aarde, de lucht en de warmte.
–
Hoe zorgen we ervoor
dat we hen niet vergiftigen?
–
Hoe kunnen we ervoor zorgen
dat het minder verschil zal maken dan nu
op welk continent en in welk land
ze geboren worden
en daarbinnen in welk gezin?
–
Hoe kunnen we ook zorgen
voor onze zussen en broers
de bomen, planten en dieren
de zeesterren en korstmossen
die nog geboren zullen worden?
–
Zij zullen het levensweb voortzetten
in hun wonderbaarlijke verscheidenheid en schoonheid.
Hoe behouden we hun leefomgeving,
de regenwouden, savannes en koraalriffen?
–
Hoe stoppen we hun uitsterven?
Hoe zorgen we voor
de zon, de maan en de sterren,
dat de toekomstige generaties
ze nog zullen kunnen zien,
hun magie zullen koesteren?
–
De ongeborenen bestaan nog niet
Maar toch, ze leven al in ons
Ze voeden ons moreel kompas
en zijn op elk moment beschikbaar
om ons met onszelf te verbinden.
-
Laten we hen om raad leren vragen
bij al onze dagelijkse beslissingen
waarvan de effecten hen zullen raken.
Laten we naar hen leren luisteren
tot hun wijsheid zich in ons openbaart.
–
Moge het inzicht van de ongeborenen
in ons groeien, bloeien en rijpen
zo dat het onze levenswijze transformeert
ons handelen volledig doordringt en dit
onze liefdevolle natuur in zich draagt.
–
Mogen wij aan wie na ons komen
een wereld geven om te leven
in de volmaakte vrede en harmonie
die geboren wordt en groeit uit respect
voor wie er na hen komen.
